“Het begint allemaal met een goede bodem”
Martijn Enthoven
Trotse akkerbouwers die graag andere dingen doen

Met een ‘gemengd bedrijf’ bedoelen ze in de agrarische sector een bedrijf waar zowel veeteelt als akkerbouw plaatsvindt. Bij de familie Enthoven hebben ze zo hun eigen definitie van ‘gemengd’. Behalve twee gezellig blaffende honden zijn er geen dieren op de boerderij te vinden.
Maar naast akkerbouwer zijn ze ook dienstverlener voor andere boeren en overheden, bijvoorbeeld in samenwerkingsprojecten en agrarische werkzaamheden. En er is een grote loods voor de derde tak van het bedrijf, de stalling van sloepen. Die worden aan de dijk uit de ringvaart getakeld en in de winter binnen gestald.
Daar stopt het niet. Op het erf vind je ook een 18 holes baan Boerenvoetgolf waar kinderfeestjes en teamuitjes worden gevierd. En mocht je een event op locatie hebben dan kan zoon Martijn patat komen bakken met zijn eigen frietkar.
“Het is een vorm van risicospreiding, maar ook gewoon omdat we het leuk vinden om te doen” vertelt Martijn. Later in het gesprek zegt vader Richard dat je voor een gezond akkerbouwbedrijf eigenlijk zo’n 100 hectare grond nodig hebt. Daar komen zij met hun 60 hectare niet aan. En dat geldt voor veel boeren in Haarlemmermeer. “Uitbreiden is hier ook bijna niet mogelijk, dan moet je naar de Flevopolder”. Dus het was óf verhuizen óf diversifiëren. En dat laatste is duidelijk hun keuze geweest. Hun toekomst ligt hier.
“Ik noem mezelf geen boer. Ik ben een ondernemende agrariër.”
Akkerbouwbedrijf met historie
‘Hier’ is aan de Huigsloterdijk in Weteringbrug, vlakbij die brug. Het is de plek waar de hele boerderij met de naam De Maerle oorspronkelijk lag, toen met 38 hectare grond. In 1900 kwam het in de familie. Door de aanleg van de HSL is er in 2000 een grondruil gedaan, waardoor rondom het erf nu nog 3 hectare over is voor al die verschillende activiteiten.
De grond van het akkerbouwbedrijf ligt nu een stukje verderop en bestaat uit bijna het volledige Haarlemmermeerse stuk van de Huigsloterpolder dat aan beide zijden van de Doctor Heijelaan bij Abbenes ligt. Het is zo’n 57 hectare groot. Hier staat de Hoeve Alkemade waar een tante woont. Het andere stukje van die polder wordt ingenomen door de boomgaard van de Zekveld’s.
Het akkerbouwbedrijf – suikerbieten, aardappels en granen – wordt gerund door Richard en Martijn. Ze werken daarbij bewust heel veel samen met andere boeren. Vooral als er gepoot en geoogst moet worden, maar ook op andere momenten. Zo zorgt Jasper Roubos voor de gewasbescherming. En weer andere boeren bewerken stukken van hun grond met bloemen.
Die strakke manier van samenwerken en organiseren komt voort uit hun visie op de landbouw zelf. “Het begint allemaal met een goede bodem en als je die hebt, dan gaat het er om dat je die zo bewerkt en het zo organiseert dat er veel productie van af komt” zegt Martijn. In alles wat ze zeggen, merk je dat ze eer en trots vinden in dat zo goed mogelijk doen.
Dit is de video die ze er zelf over maakten:
In transitie?
De familie Enthoven heeft zoals dat heet een ‘gangbaar bedrijf’, oftewel in titel niet biologisch of regeneratief. Om een hoge en kwalitatieve voedselproductie te garanderen worden gewasbescherming, meststoffen en meer machines gebruikt.
“Het wordt de komende jaren wel allemaal steeds moeilijker” door lagere prijzen, voortdurend veranderende beleidsmakers en beleid, weersveranderingen en een complexe omgeving als Haarlemmermeer waar van alles gebeurt. Dat maakt de zoektocht naar een zo efficiënt mogelijke en duurzame manier van produceren steeds belangrijker.
Ze zijn daarom in allerlei initiatieven betrokken die beogen landbouw te verbeteren. Samen met andere boeren uit Haarlemmermeer neemt Martijn bijvoorbeeld deel in een project waarin met een combinatie van satellietbeelden en het nemen van bodemmonsters zo ongeveer op de vierkante meter wordt bepaald wat de kwaliteit van de bodem is en wat je daar aan kunt doen.
Ook is er veel ruimte voor rustgewassen zoals grasklaver dat veel stikstof in de grond brengt waar volgende gewassen van profiteren.
Daarnaast is het doel minder chemie te gaan gebruiken. “Nu volgt iedereen zijn spuitschema” om de risico’s van een lagere oogst te beperken, maar dat kan wel slimmer. Bijvoorbeeld door het gebruik van een ‘spot sprayer’, een machine die onkruid herkent en alleen daar gewasbescherming spuit. Of het gebruik van hechtvloeistof voor zulke middelen zodat ze minder kunnen wegwaaien of ‘driften’.
En als, zoals dit jaar, door droger weer die methoden minder goed blijken te werken, is het een kwestie van ouderwets handwerk en wordt vijf man sterk het onkruid tussen de suikerbieten uitgetrokken. Dan wordt de rekensom tussen kosten en opbrengsten echter wel magerder. Vandaar dat ze liever voor efficiëntere oplossingen kiezen.
Verandering in vele vormen
Ook op andere manieren speelt verduurzaming een rol in het bedrijf. Hun grond ligt bijvoorbeeld in het zoekgebied voor (meer) windmolens. Het is een ontwikkeling die ze nauwlettend in de gaten houden. En deels is het ook een dilemma. Windmolens kunnen het nodige brengen maar je levert in zo’n geval ook wat in, als landbouwer en als inwoner die ‘ernaast’ woont.
Op het dak van een van de loodsen liggen de nodige zonnepanelen. Vooralsnog zijn die voor eigen gebruik waaronder het opladen van allerlei elektrische gereedschappen.
“En dak vol zonnepanelen. Dat is toch ook een transitietje.”
Grotere machines zoals de heftrucks zijn nog niet elektrisch, maar dat komt misschien wel, zeker als die dan ook als accu voor de eigen opgewekte elektriciteit kunnen dienen.
Het Boerenvoetgolf brengt veel bezoekers op de boerderij die niet echt weten wat daar gebeurt. ‘Wat doen jullie eigenlijk met die suikerbieten?’ is een vaak gestelde vraag. Het antwoord dat daar suiker uit wordt gehaald, is dan voor de vragenstellers regelmatig een verrassing. “Eigenlijk gebruik ik het Boerenvoetgolf ook als een manier om het verhaal van de boerderij te vertellen en mensen te betrekken bij hoe voedsel gemaakt wordt.”
Agrarisch natuur- en landschapsbeheer
Het bedrijf is al meerdere jaren actief in agrarisch natuur- en landschapsbeheer. Zo wordt er gewerkt met stukken braakliggend land waar de grond de tijd krijgt zich te herstellen, zijn er bloem- en kruidenrijke akkerranden, een bloemenveldje en natuurlijk de (verplichte) bufferstroken die met elkaar bijdragen aan meer biodiversiteit.

De vogelakker op het stuk land met katteklei, net naast de ringvaart.
Sinds dit jaar is er ook een vogelakker aangelegd: een stuk grond waarbij in stroken meerjarige bloemen en granen worden afgewisseld met grasklaver als eiwitgewas. Dat laatste wordt pas na het broedseizoen gemaaid zodat er een plek ontstaat waar roofvogels, uilen en weidevogels zoals de veldleeuwerik goed gedijen.
Ook in de aanpak hiervan, komt hun manier van landbouw bedrijven weer terug. “Mooie landbouwgrond moet je eigenlijk gebruiken voor landbouw. Dus die vogelakker hebben we aangelegd op een stuk met ‘katteklei’ die voor ons moeilijker te bewerken is. Zo heeft iedereen er wat aan.” Katteklei is een dikke, sponsachtige klei waar veel zwavelzuur en ijzer in zit, waardoor het minder geschikt is voor landbouw.
In hoeverre ervaar je dat nou eigenlijk, dat natuur- en landschapsbeheer? Als boer of als gewone voorbijganger. Als je het niet beter weet, zie je bij de vogelakker immers ook een strak georganiseerd geheel. Mooi gemaaid gras(klaver) met rechte stroken gewas ertussen. Efficiency voorop, zo lijkt het. Maar net terwijl we dat bekijken, hangt er een biddende roofvogel boven het veld, op zoek naar muizen. Het werkt!
